Pensioen als zzp’er: hoeveel van je netto-inkomen moet je opzijzetten om later niet tekort te komen?

Vrouwelijke ondernemer berekent pensioeninleg aan bureau met laptop en notitieboek

Je factuur van 3.500 euro is betaald, het geld staat op je rekening en je hebt het gevoel dat het goed gaat. Maar op datzelfde moment gaat er niets opzij voor later. Dat is niet onwil, het is gewoon hoe het werkt als je geen werkgever hebt die automatisch een deel inhoudt.

Het probleem zit niet in één slechte maand. Het zit in de optelsom van al die maanden dat er niets werd ingelegd, terwijl de koopkracht van dat geld ondertussen langzaam afnam. Een zzp’er die pas op haar 52e serieus begint met pensioen opbouwen, heeft al jaren aan rente-op-rente laten liggen. Dat verschil kan oplopen tot tienduizenden euro’s op het moment dat ze wil stoppen met werken.

Wij van Onderneemsters.nl zien dit patroon vaak terugkomen bij vrouwelijke ondernemers: niet te weinig verdienen, maar te lang wachten met een concrete keuze maken. In dit artikel rekenen we stap voor stap van je huidige netto-inkomen naar een bedrag dat je morgen kunt inleggen.

Eerst: wat je écht verliest door niets te doen

Als zzp’er bouw je geen pensioen op via een werkgever. Je krijgt straks wel AOW, maar dat is gemiddeld zo’n 1.400 tot 1.500 euro netto per maand voor een alleenstaande. Als je gewend bent aan 3.000 euro per maand, betekent dat een gat van meer dan de helft van je huidige inkomen.

Daar komt bij dat geld dat nu op een spaarrekening staat elk jaar koopkracht verliest door inflatie. Wie op haar 45e 50.000 euro ‘veilig’ op de spaarrekening parkeert en nooit belegt of inlegt, heeft op haar 67e een pot die in reële waarde fors minder waard is. De stille rekenfout is niet dat je te weinig spaart. Het is dat je te laat begint én het verkeerde instrument gebruikt.

Je vertrekpunt: wat houd je écht over?

Voordat je kunt bepalen hoeveel je moet inleggen, moet je weten wat je netto-uurloon werkelijk is. Niet je uurtarief, maar wat er na belasting en kosten overblijft.

Reken je beschikbare uren per jaar realistisch terug. Van 52 weken gaan er al snel 6 tot 8 weken af voor vakantie, ziekte en zorgdagen. Tel daar acquisitie, administratie en netwerken bij op, en je houdt misschien 1.100 tot 1.300 declarabele uren over per jaar.

Een voorbeeld: je rekent 85 euro per uur. Bij 1.200 declarabele uren is je bruto omzet 102.000 euro. Na zakelijke kosten (4.000 euro) en inkomstenbelasting (stel 35.000 euro) houd je netto zo’n 63.000 euro over, ofwel 5.250 euro per maand. Dat is je werkelijke vertrekpunt.

Stap 1: Wat wil je straks per maand hebben?

Een praktische vuistregel is 70 tot 80 procent van je huidige netto-maandinkomen. Bij 5.250 euro netto nu is je gewenste pensioeninkomen dus ongeveer 3.700 tot 4.200 euro per maand.

AOW is je basis. Een alleenstaande zzp’er mag rekenen op zo’n 1.450 euro AOW netto per maand (dit bedrag kan jaarlijks wijzigen, check het actuele bedrag op SVB.nl). Trek die AOW af van je gewenste inkomen. Je moet het resterende bedrag zelf bij elkaar sparen.

Stap 2: Bereken je pensioengat

Gewenst inkomen 4.000 euro minus AOW 1.450 euro = 2.550 euro per maand dat je zelf moet financieren. Per jaar is dat 30.600 euro.

Hoeveel vermogen heb je daarvoor nodig? Gebruik de 4%-onttrekkingsregel als praktisch houvast: je kunt elk jaar 4 procent van je vermogen opnemen zonder dat het (statistisch gezien) binnen 30 jaar opraakt. Deel je benodigde jaarbedrag door 0,04.

30.600 euro gedeeld door 0,04 = 765.000 euro. Dat is je doelvermogen.

Stap 3: Wat moet je maandelijks inleggen?

Nu reken je terug vanuit je leeftijd. Hoe jonger je begint, hoe minder je per maand hoeft in te leggen, want de rente doet meer werk. We gaan uit van een gemiddeld jaarrendement van 5 procent (realistisch bij een gespreid beleggingsprofiel).

Profiel Leeftijd nu Jaren tot pensioen (67) Doelvermogen Benodigd per maand (bruto inleg)
Vroege starter 35 jaar 32 jaar 765.000 euro ca. 880 euro
Middenin 45 jaar 22 jaar 765.000 euro ca. 1.650 euro
Late starter 52 jaar 15 jaar 765.000 euro ca. 2.900 euro

Let op: dit zijn richtbedragen vóór fiscale aftrek. Na belastingvoordeel (zie stap 5) liggen de netto-kosten lager.

Stap 4: Kies je instrument op basis van je cashflow

Voor de meeste zzp’ers met een wisselend inkomen is een lijfrenterekening (banksparen) de slimste keuze. Je legt in wanneer je kunt, er is geen verplichting en de inleg is flexibel. Heb je een stabiel inkomen en wil je jezelf een structuur opleggen? Dan kan een lijfrenteverzekering met vaste premie helpen. Een combinatie van beide is ook mogelijk: de verzekering voor discipline, de rekening voor extra inleg in goede maanden.

Stap 5: Reken de fiscale aftrek in

Dit is het gedeelte waar veel zzp’ers geld laten liggen. Inleg op een lijfrenterekening of lijfrenteverzekering is aftrekbaar via de jaarruimte in je belastingaangifte. De jaarruimte is afhankelijk van je inkomen en eventueel al opgebouwd pensioen. Voor iemand met een inkomen van 63.000 euro kan de jaarruimte al snel 5.000 tot 8.000 euro of meer bedragen. Dit verschilt per situatie, dus check de actuele berekening via de Belastingdienst of een adviseur.

Heb je de afgelopen jaren niets ingelegd? Dan kun je via de reserveringsruimte ook achterstallige jaren inhalen, tot zeven jaar terug. Wij van Onderneemsters.nl zien dat veel zzp’ers dit compleet over het hoofd zien. Het belastingvoordeel kan al snel 37 tot 49,5 procent van je inleg bedragen, afhankelijk van je belastingschijf. Dat terugontvangen bedrag beleg je direct opnieuw.

Stap 6: Bouw het in als vaste kostenpost

De salarisstrook-methode voor zzp’ers werkt zo: zodra een factuur wordt betaald, maak je automatisch een vast percentage over naar je pensioenrekening. Geen handmatige actie, geen afweging. Stel de automatische overboeking in op dezelfde dag als je factuurherinnering.

Behandel jezelf als de eerste schuldeiser. Niet de Belastingdienst, niet je leverancier, maar jij. Kies een percentage dat past bij je inkomensniveau, bijvoorbeeld 15 tot 20 procent van elke betaalde factuur, en verhoog dat elk jaar als je tarief stijgt.

Drempels die zzp’ers tegenhouden

Te laag tarief? Dan is de eerste actie niet meer sparen, maar je tarief verhogen. Bekijk onze artikelen over fouten bij het bepalen van je uurtarief.

Wisselend inkomen? Zet in goede maanden meer opzij en houd een buffer aan van drie tot zes maanden vaste lasten. Leg vanuit die buffer ook bij in magere maanden, al is het maar 100 euro.

Uitstelgedrag? Open vandaag een lijfrenterekening, ook als je nog niets inlegt. Drempel weg, rekening staat klaar. Soms is het de technische eerste stap die het verschil maakt.

Wanneer een financieel planner de moeite waard is

Voor de meeste zzp’ers is zelfbeheer goed te doen. Maar er zijn drie situaties waarin wij van Onderneemsters.nl echt adviseren om een gecertificeerd financieel planner in te schakelen. Ten eerste: je hebt een eigen woning en vraagt je af of overwaarde een rol kan spelen in je pensioen. Ten tweede: je bent gescheiden en er is een pensioenverevening of alimentatie in het spel. Ten derde: je hebt een vermogen boven de 500.000 euro opgebouwd buiten lijfrente-producten om, en wil weten hoe je de box 3-belasting optimaliseert. In die gevallen is het advies de kosten meer dan waard.

Hoeveel je precies opzij moet zetten, hangt af van je inkomen, je leeftijd en wat je later nodig denkt te hebben. Maar de richting is duidelijk: als zzp’er bouw je niets op als je er zelf niet actief voor kiest. Reken je eigen pensioengat uit, kies een instrument dat past bij hoe jouw inkomen binnenkomt, en zet een automatische overboeking in.

Wij van Onderneemsters.nl adviseren om klein te beginnen als het budget nu krap is, maar om het wel te doen. Een vaste maandelijkse inleg van 150 euro levert op de lange termijn meer op dan af en toe een grote storting als het goed gaat. De structuur telt meer dan het bedrag.

Wellicht ook interessant